Rechtbank bepaalt zelf woz-waarde van bedrijfsruimte

Volgens rechtbank Haarlem zijn zowel een bv als de heffingsambtenaar van de gemeente Haarlemmermeer uitgegaan van een verkeerde kapitalisatiefactor. Door de verwachte aanleg van de Parallelle Kaagbaan (Schiphol), moet rekening worden gehouden met een beperkte levensduur van een aanbouw. De rechtbank stelt daarom de woz-waarde van een bedrijfsruimte in goede justitie vast op € 7.675.000.

Een bv is volgens een beperkt recht genothebbende van een bedrijfsruimte. Het gaat om een bedrijfshal met distributiefaciliteiten, koelcellen en kantoren. De bedrijfsruimte omvat ook een in het jaar 2006 in gebruik genomen aanbouw. Deze aanbouw ligt binnen de invloedssfeer van de uitbreiding Parallelle Kaagbaan (Schiphol). In het geldende bestemmingsplan is hierin voorzien.

Woz-waarde bedrijfsruimte


In geschil is de woz-waarde van de bedrijfsruimte per waardepeildatum 1 januari 2007. Het taxatierapport van de inspecteur stelt de waarde vast op € 8 064 000, terwijl de bv een waarde van € 6 895 000 voorstaat. Zowel de heffingsambtenaar van de gemeente Haarlemmermeerinspecteur als de bv gaan uit van de huurwaardekapitalisatiemethode. De bv is het niet eens met de door de heffingsambtenaar vastgestelde waarde en komt in beroep tegen de aanslag onroerende-zaakbelastingen voor het jaar 2008.

Huurwaardekapitalisatiemethode


Uitgangspunt voor de woz-waarde is de waarde in het economisch verkeer van een onroerende zaak. Om de woz-waarde van een pand te bepalen kan een bepaalde waarderingsmethode worden gebruikt. Één van die methodes is de huurwaardekapitalisatiemethode. De woz-waarde wordt dan bepaald door de huurwaarde op de waardepeildatum te vermenigvuldigen met de kapitalisatiefactor. Het resultaat is de waarde in het economisch verkeer van het pand.

Beperkte levensduur aanbouw


De heffingsambtenaar heeft de kapitalisatiefactor 10 gebruikt. De bv heeft zich op het standpunt gesteld dat deze factor voor de aanbouw niet opgaat. In verband met de verwachte aanleg van de Parallelle Kaagbaan is de aanbouw voor een periode van 10 jaar is gebouwd. Daarvan resteren vanaf 1 januari 2007 nog 8 jaar. Het is waarschijnlijk dat de aanbouw na deze periode moet worden afgebroken. Het is in ieder geval niet duidelijk of en hoe lang de aanbouw daarna nog kan blijven bestaan. Deze beperkte levensduur leidt volgens de bv tot een lagere kapitalisatiefactor.

Privaatrechtelijke overeenkomst


De heffingsambtenaar heeft aangevoerd dat de tijdelijkheid van de aanbouw berust op een privaatrechtelijke overeenkomst. Hier hoeft, voor de waardering, geen rekening mee te worden gehouden.

Waardebepaling afhankelijk van korte levensduur


Volgens de rechtbank gaat dit niet op. Een potentiële koper zal er rekening mee houden dat de aanbouw mogelijk na 8 jaar of eventueel kort daarna zal moeten worden afgebroken. Hiermee moet bij de waardebepaling rekening worden gehouden en dit dient tot uitdrukking te komen in de kapitalisatiefactor. De rechtbank is het echter ook niet eens met de door de bv, voor de aanbouw, voorgestelde kapitalisatiefactor van 5,5.

Waarde in goede justitie vastgesteld


De rechtbank stelt de kapitalisatiefactor vast op 7. Daarbij wordt rekening gehouden met de te verwachten aanleg van de Parallelle Kaagbaan. De waarde van de bedrijfsruimte wordt door de rechtbank in goede justitie vastgesteld op een bedrag van € 7 675 000. De aanslag onroerende-zaakbelasting wordt verminderd en de heffingsambtenaar wordt veroordeeld in de proceskosten van de bv en tot vergoeding van het door haar betaalde griffierecht.
[ Bron: Redactie Plein+ ]

Gepubliceerd

21 januari 2010

Laatst gewijzigd

21 januari 2010, 9:11 uur

Rubriek

Onderwerpen


Opinie

Verruiming vrijstelling overdrachtsbelasting bij aankoop rijksmonument

Mient Klooster

Naar aanleiding van een uitspraak van Hof Den Haag heeft de staatssecretaris het beleid rond de toepassing van de monumentenvrijstelling verruimd. Wat verandert er voor de verkrijgers van monumenten?

Geen overdrachtsbelasting bij aankoop monument?

Mient Klooster

Een particulier die een monument koopt en geleverd krijgt, moet over de koopsom overdrachtsbelasting betalen. De belasting bedraagt 6% van de koopprijs. Is er voor de particulier toch een mogelijkheid om de overdrachtsbelasting te omzeilen?

Klussen met geleend geld

Dick van den Hoeven

Overal om ons heen horen we dat de crisis kan worden bezworen door geplande uitgaven ‘naar voren te halen’, om te voorkomen dat de economie tot stilstand komt. Misschien brengt dat u op het idee om dat ook op particuliere schaal te doen.

Video

In samenwerking met:

Alleen voor leden Verdieping
Shop

WOZ: naar waarde belast

mr. J.G.E. Gieskes en ir. R.M. Kathmann

Eigen woning en fiscus

mw. C.W.P. Wapperom, mr. J.G.S. Warmerdam en mw. M.B. Boskemper

Gemeentelijke belastingheffing van ondernemingen

mr. M.P. van der Burg, mr. G. Groenewegen

Wet waardering onroerende zaken

mr.dr. W.G. van den Ban

Stellingen

Moet belastingvrijstelling van de groene auto blijven?