De positie van de fiets in de werkkostenregeling

In een brief aan de Tweede Kamer geeft minister De Jager van Financiën uitleg over de werkkostenregeling en in het bijzonder over de positie van de fiets binnen die regeling. De minister ziet geen reden om de vergoeding of verstrekking van een fiets over te hevelen van het algemeen forfait (1,4% van de totale fiscale loonsom) naar een gerichte vrijstelling. Als de fiets onder deze vrijstelling zou vallen dan zou hiermee alleen de aanschaf worden gestimuleerd en niet het gebruik ervan.

Forfait werkkostenregeling


Met ingang van 1 januari 2011 wordt in de loonbelasting de werkkostenregeling ingevoerd. Diverse bestaande fiscale regelingen, waaronder de bedrijfsfietsenregeling, komen onder een algemeen forfait op bedrijfsniveau. Tot een maximum van 1,4% van de totale fiscale loonsom kan de werkgever vergoedingen en verstrekkingen aanwijzen waarover geen belasting hoeft te worden betaald. Een werkgever kan dus binnen het forfait zelf bepalen in hoeverre hij zaken onbelast wil vergoeden of verstrekken aan zijn werknemers. Er geldt alleen een gebruikelijkheidstoets. Voorzover het forfait van 1,4% overschreden wordt, komt de belasting over het meerdere voor rekening van de werkgever door middel van een eindheffing van 80%.

Gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen


De werkkostenregeling kent ook enkele laag of op nihil gewaardeerde voorzieningen. Deze zijn in overwegende mate gerelateerd aan de werkplek. Binnen de werkkostenregeling is er een beperkt aantal gerichte vrijstellingen. Deze gerichte vrijstellingen gaan niet ten koste van het forfait van 1,4%. De gerichte vrijstellingen zijn bedoeld voor de belangrijkste zakelijke kosten, met de bijbehorende normeringen en beperkingen. Een van de gerichte vrijstellingen betreft de vergoeding van € 0,19 per zakelijke kilometer, waaronder woon-werkverkeer. Deze geldt ook voor reizen afgelegd met de fiets.

Bedrijfsfietsenregeling


De bedrijfsfietsenregeling valt niet onder de gerichte vrijstellingen maar onder het algemeen forfait. Wel gaan er geluiden op om de vergoeding of verstrekking van een fiets over te hevelen van het algemeen forfait naar een gerichte vrijstelling om zo het fietsgebruik te stimuleren.

Aanschaf of gebruik


Los van de vraag of werkgevers en werknemers zich vooral zullen laten leiden door een fiscale stimuleringsmaatregel om een fiets aan te schaffen, zou een dergelijke gerichte vrijstelling alleen de aanschaf en niet het gebruik van die fiets stimuleren. De nieuwe werkkostenregeling stimuleert juist het gebruik van de fiets, aldus de minister. Dit was ook wat het kabinet en het parlement in 2009 voor ogen hadden om te stimuleren: het gebruik van de fiets naar de zaak en niet uitsluitend de fietsverkoop.

Fiets niet onder gerichte vrijstelling


Aan het onderbrengen van stimuleringsmaatregelen bij de gerichte vrijstellingen naast het algemeen forfait kleven bezwaren. De gerichte vrijstellingen zijn bedoeld voor de belangrijkste zakelijke kosten en niet voor vergoedingen/verstrekkingen met een duidelijk beloningskarakter zoals een fiets. Een gerichte vrijstelling voor de vergoeding of verstrekking van een fiets zou gezien de beoogde budgetneutraliteit bovendien een verlaging van het forfait betekenen van 1,4% naar 1,3% of lager. Ook zou zo’n gerichte vrijstelling bij de oude voorwaarden tot € 9 mln minder reductie van de administratieve lasten leiden.

Fiets blijft fiscaal voordelig


De minister benadrukt wel dat de fiets van de zaak met de komst van de werkkostenregeling fiscaal nog steeds zeer voordelig is. Door de werkkostenregeling wordt het zelfs eenvoudiger om een fiets zonder fiscale consequenties te vergoeden of te verstrekken. Voor de fiets geldt momenteel een onbelast bedrag van maximaal € 749 (bij een duurdere fiets is het meerdere belast), een apart bedrag voor accessoires van € 82 en geen maximum voor de fietsverzekering. Bovendien geldt de eis dat op minimaal 50% van de woon-werkverkeerdagen wordt gefietst en er de voorgaande twee jaar geen fiets is vergoed of verstrekt.

Aanvullende eisen vervallen


Deze voor de werkgevers en werknemers ingewikkelde, en voor de Belastingdienst moeilijk te controleren, eisen komen onder de werkkostenregeling allemaal te vervallen. Het staat werkgevers dan bijvoorbeeld vrij om werknemers een duurdere (elektrische) fiets te vergoeden of verstrekken zonder dat dit tot belastingheffing leidt, tenzij de forfaitaire ruimte wordt overschreden.

Cafetaria-regeling


Uiteraard kan een werkgever ook onder de werkkostenregeling een bestaande cafetaria-regeling continueren. Veelal worden dergelijke regelingen in het collectief arbeidsvoorwaardenoverleg overeengekomen. Voortzetting van de regeling leidt niet tot fiscale consequenties, voor zover de forfaitaire ruimte niet met andere vergoedingen en verstrekkingen wordt gevuld.

Onbelaste kilometervergoeding


Bovendien blijft het voor werkgevers mogelijk om het werkelijke gebruik van de fiets direct te bevorderen door hun werknemers € 0,19 per zakelijke fietskilometer, waaronder woonwerkverkeer, onbelast te verstrekken.
[ Bron: Redactie Plein+ ]

Gepubliceerd

29 juni 2010

Laatst gewijzigd

29 juni 2010, 10:29 uur

Rubriek

Onderwerpen


Opinie

Wie heeft de meeste last van de werkkostenregeling? Het bedrijfsleven of de Belastingdienst?

Marcel Kawka

De werkkostenregeling, voor de één een lust, voor de ander een last. Dat geldt niet alleen voor werkgevers onderling, maar ook voor de Belastingdienst.

Werk(kosten) aan de winkel!

Dik van Leeuwerden

Zoals u wellicht weet wordt per 1 januari 2011 onder de naam 'werkkostenregeling' het nieuwe regime voor vrije vergoedingen en verstrekkingen van kracht. De werkgever moet eens kritisch kijken naar de arbeidsvoorwaarden.

Video

Alleen voor leden Verdieping
Shop

Themabijeenkomst Plein+: Werkkostenregeling

Activity Based Costing

D.A. van Damme

Kinderopvang: een gedeelde verantwoordelijkheid

Emile Soetendal

Levensfasebewust personeelsbeleid in 100 vragen

Pieter Diehl en Jeroen Stoffelsen

Stellingen

Moet belastingvrijstelling van de groene auto blijven?